23/07/2015
Robert Gesink heeft zichzelf laten zien in de achttiende etappe van de Tour de France. In de tweede Alpenrit van de ronde werd hij elfde en behield zijn zesde positie in het algemeen klassement. Romain Bardet (AG2R La Mondiale) won de etappe.
 



“Het was een zware dag”, zei Gesink direct na de finish. “We hebben vanaf het begin achter de kopgroep aan gereden omdat er wat jongens in zaten die nog vrij kort stonden in het klassement. Wij hebben zelf ook een duit in het zakje gedaan in die jacht. Daardoor deed het allemaal best veel pijn.” Toch was de klimmer in staat om op de Col du Glandon, de scherprechter van de dag, te demarreren. “Ze gaven me wat ruimte op die berg”, vervolgde hij. “Dat was lekker. Bovenop en in de afdaling kwamen ze er weer bij, maar toen had ik wel lekker op mijn eigen tempo naar boven kunnen rijden. Ik denk daarom dat die aanval een slimme zet was.”
 
Eigen tempo
Op de laatste klim van de dag leidde Gesink vervolgens de dans in de groep met klassementsrenners. “Ik voelde me kort daarvoor niet super goed”, verklaarde hij. “Aan het begin van de Lacets de Montvernier zat ik in achtste positie, maar het was heel veel draaien en keren. Daardoor moest ik steeds remmen en weer optrekken. Ik voelde al snel dat ik dat niet prettig vond, waardoor ik besloot om op kop te gaan rijden en mijn eigen tempo te pakken. Het was wat dat aangaat uiteindelijk ook best een goede dag, maar het deed wel veel pijn. Soms heb je een dag waarin het niet heel goed voelt, maar je er wel doorheen kunt. Zo’n dag was het vandaag voor mij.”
 
Gesink kreeg daarin lange tijd steun van Steven Kruijswijk. “Ik voelde me vanuit de start al goed”, zei Kruijswijk. “Ik zat er daarom ook nog lang goed bij. Het is prettig dat ik vooruitgang boek en ik op die manier ook Robert meer kan ondersteunen. Ik denk dat hij de mogelijkheid heeft om vijfde te worden, dus daar gaan we voor. Ikzelf kijk ook erg uit naar de etappe naar Alpe d’Huez, want die berg heb ik nog nooit beklommen.”
 
Niet afstappen
Laurens ten Dam daarentegen kampt nog steeds met ziekte. “Ik kwam vandaag bij de laatste vijf renners boven op de Col du Glandon”, zei hij. “Dat is niet leuk als je anders gewend ben. Ik adem op dit moment door een rietje. Ik krijg nauwelijks lucht. Of het zin heeft om nog door te gaan? Daar heb ik over nagedacht, maar Parijs halen is altijd een doel. Daar voel ik mezelf zeker niet te goed voor. Ik ga niet afstappen. Ik heb geen koorts, dus dan is doorrijden niet onverantwoord. Presteren zit er niet meer in, maar twee dagen voor Parijs afstappen, doe je alleen als het echt niet meer gaat.”
 
Ploegleider Nico Verhoeven keek op een goede manier terug op de achttiende rit. “Robert heeft een hele goede wedstrijd gereden”, zei hij. “We hebben hem als ploeg ook goed kunnen helpen. Steven is lang bij hem gebleven en hij kon zelf aanvallen op de Glandon. Hij had de wedstrijd onder controle. Het is afwachten of hem dat de komende dagen weer lukt. Het worden twee hele lastige finales waarin een man-tot-mangevecht op de laatste berg beslist wie de winnaar wordt.”